recensie Stabat Mater
Josefien en Charlotte Stoppelenburg: een uniek duo.
Toen zondagmiddag ook in Ogterop de stroom uitviel, speelden de musici van Camerata Amsterdam onverdroten verder in het pikkedonker terwijl Josefien en Charlotte Stoppelenburg het lang uitgerekte ìAmenî voltooiden zonder enige hapering. Het publiek beloonde deze uitzonderlijke prestatie met een ovationeel applaus.
De muziekliefhebber die door een misverstand dit alles had moeten missen,spoedde zich donderdagavond naar Theater ít Voorhuys in Emmeloord.
De omschrijving in het theaterprogramma vermeldde het Stabat Mater van Pergolesi î muziek die het verdriet verklankt van Maria tijdens het lijden en de kruisdood van haar zoon. Een verhaal vol van smart en mededogen, maar natuurlijk ook van trouw en liefdeî.
Niets bleek minder waar, want terwijl tientallen componisten de oorspronkelijke tekst hebben gebruikte voor een kleurrijke verscheidenheid aan uitvoeringen, heeft de grote meester Johann Sebastian Bach de muziek van Pergolesi gebruikt als basis voor een eigen zetting van psalm 51.
Was dat nu parodie of gewoon plagiaat? Welnee, het was ook in Bachís tijd heel gebruikelijk en algemeen geaccepteerd dat melodieÎn van anderen werden gebruikt voor nieuwe composities, daardoor kon immers de muziek veel meer gehoord worden? Wanneer een meester als Bach strofe na strofe de muziek van Pergolesi volgt kan dit worden beschouwd als een groot eerbetoon aan deze collega.
De tekst van deze Psalm 51 spreekt dus niet vol compassie met de lijdende moeder Maria over het lijden en sterven van haar zoon, want deze transcriptie is veel meer een schuldbekentenis van de zondaar aan de Allerhoogste. Hij smeekt om bevrijding van zijn leugens en zonden, om gedogen en genezen, om genade.
Een andere tekst dus, een andere taal, het Duits. Was dit een teleurstelling?
Geenszins: zet twee prachtige zangstemmen en negen top-musici, het ensemble Camerata Amsterdam, op het podium en het talrijke publiek houdt de adem in. Hier ontstond een vocale en instrumentale eenheid van ongelofelijke schoonheid.
Dat begon al direct bij de uitvoering van het Ave Maria van Giulio Caccini, zo bekend geworden door Inessa Galante. Wat een stralende harmonie in dit zestiende eeuws werk. Camerata excelleerde vervolgens met een sereen werk van Vivaldi, vol deernis getuigend van het verdriet aan het heilig graf.
Via deze zeventiende eeuwse klanken naar de 19e eeuwse Modest Moussorgski met een smeekgebed aan Maria, twee prachtige stemmen in perfecte eenheid en ondersteund door de instrumenten.
Hoogtepunt van het concert was de uitvoering van Psalm 51 van Johann Sebastian Bach: Tilge, Hˆchster, meine S¸nden. Allerhoogste, los mijn schulden af. Al in de tweede strofe klonk bij monde van de sopraan, in een bijna hoopvolle blije instrumentatie: Heer, reken mij mijn zonden niet aan. Het daarop volgende duet onderstreepte deze bede krachtig en indringend, voor het eerst wordt het woord Vader gebruikt, gevolgd door een alt-solo: mijn doen en laten wekte uw toorn.
Na de in verschillende strofen uitgebreide schuldbekentenis volgen de smaakbeden: bevrijd me van de leugens, was de zonden van me af, toon me vreugde, kijk niet naar mijn gebreken, verstoot me niet.
Dan woorden van aanbidding en lofprijzing gevolgd door een lang durend Amen, waarbij in Bachs versie het mineur in majeur wordt herhaald; dat alom uw roem weerklinkt en dat u zich verheugt in ons.
Zelden hebben wij zoín perfecte combinatie van twee stemmen gehoord, prachtig van voordracht en met een ongelofelijke beheersing.
Terecht en zeer symbolisch waren de bloemen voor allen op het podium, stuk voor stuk bijzondere solisten die evenwel de kunst verstonden als een sublieme eenheid te musiceren en de sfeer van de avond voor Goede Vrijdag treffend weer te geven.
Jan Toor
|